Al in de 17e eeuw experimenteerden pioniers met windaangedreven wagens. Zo bouwde de Brugse ingenieur Simon Stevin in 1600 een zeilwagen voor prins Maurits van Nassau.
Dit voertuig, dat over het strand van Scheveningen reed, was een curiosum. Pas tegen het einde van de 19e eeuw dook de zeilwagen op aan de Belgische kust, maar dan als recreatiemiddel.
In De Panne begonnen de zonen van architect Albert Dumont in hun vrije tijd zeilwagentjes te bouwen. In 1898 bracht André Dumont de 1e zeilwagen naar het strand, zijn broers Benjamin en François verfijnden dat ontwerp. Wat begon als een speelse strandactiviteit groeide uit tot een nieuwe sport.
De opmars van het zeilwagenrijden kende een 1e hoogtepunt in juli 1909 toen de allereerste zeilwagenwedstrijd ter wereld werd georganiseerd in De Panne. De Dumonts en andere pioniers lieten hun houten zeilwagens om ter snelst rijden op het brede strand. Dit historische moment betekende het officiële ontstaan van de sport. De exacte uitslag blijft in de nevelen van de tijd gehuld, maar het evenement wekte grote belangstelling. Niet alleen Belgen raakten in de ban van het 'vliegen over het strand' – ook in het buitenland sloeg de vonk over. Zo zeilde luchtvaartpionier Louis Blériot in datzelfde jaar met zijn Aéroplage op de stranden van Hardelot en Le Touquet in Frankrijk.
Vanaf 1911 werden ook in Noord-Frankrijk internationale wedstrijden georganiseerd, met Hardelot (1911) en Berck (1913) als vroegste locaties. Een hoogtepunt voor België was de internationale race in Hardelot (1913). Benjamin Dumont kwam als winnaar uit de bus en zijn broer François eindigde als 2e– beide Pannenaars hielden de voltallige wereldtop achter zich.
De Eerste Wereldoorlog onderbrak de opgang van de jonge sport, maar in de jaren 1920 kende het zeilwagenrijden een heropleving. François Dumont bleef geloven in de toekomst van de zeilwagensport en richtte in 1924 de Sand Yacht Club Pannois op– de 1e zeilwagenclub in België, bedoeld om de sport nieuw leven in te blazen aan onze kust. In 1927 kreeg de club officieel statuten en organiseerde ze elke zomer wedstrijden. Zeilwagens werden toen ingedeeld in categorieën op basis van wielgrootte en er groeide een sportieve rivaliteit tussen François Dumont en oorlogsveteraan Willy Coppens (die ondanks een beenamputatie fanatiek meedeed).
Eind jaren 1920 waaide de zeilwagensport richting onze gemeente. Mic Dumont, familie van François, verhuurde in die periode zeilwagens op het strand van Oostduinkerke. Daardoor werd strandzeilen toegankelijker voor het grote publiek en groeide de belangstelling – ook vanuit het buitenland: de Fransman Henri Demoury ontdekte het zeilwagenrijden in 1928 in Oostduinkerke. Hij introduceerde het nadien aan de Franse Opaalkust: eerst in Merlimont-Plage, later in Le Touquet. Tegen het einde van de jaren 1930 was het een vaste zomerattractie. Zelfs leden van de koninklijke familie, zoals prinses Joséphine-Charlotte, waagden zich in De Panne aan ritjes in een zeilwagen.
Na de Tweede Wereldoorlog bleven er slechts weinig zeilwagenpiloten over, maar de draad werd al gauw weer opgepikt. François Dumont reorganiseerde de sport in 1949 en stichtte de Belgische Federatie der Land Yacht Clubs (BFLYC). Na de Tweede Wereldoorlog maakte de sport een nieuwe bloeiperiode door. Voor het eerst kwam er een uitgebreid reglement en een wedstrijdkalender, met wedstrijden gespreid over De Panne, Oostduinkerke, Middelkerke en Oostende. Enkele Oostduinkerkse liefhebbers – onder wie de gebroeders Loones en Emile Riga – sloegen de handen in elkaar. In 1950 richtten Honoré Loones en zijn vrienden de Sand Yacht Club Oostduinkerke (SYCOD) op, met Emile Riga als 1e voorzitter.
Het zeilwagenrijden democratiseerde. Er doen zelfs verhalen de ronde over een postbode – met 'de facteur' als toepasselijke bijnaam – die wedstrijden won met een gehuurde zeilwagen en het prijzengeld opstreek.
Vanaf de jaren 1960 werd de Belgische kust de draaischijf van de internationale zeilwagensport. Onder impuls van Bob Nyssens (alweer een telg uit de Dumont-familie) werd in 1962 de wereldfederatie FISLY opgericht, met clubs uit 4 landen als stichtende leden. België – en De Panne/Oostduinkerke in het bijzonder – speelde dus een voortrekkersrol in de globalisering van de sport. In Oostduinkerke kende SYCOD intussen een bloeiperiode. De club had sinds 1969 een eigen clublokaal en voorzitter Eric Bouchery lanceerde dat jaar de Tweedaagse van Oostduinkerke: een meerdaagse strandzeilwedstrijd die meteen veel buitenlandse belangstelling kreeg.
Tegelijk evolueerde het materiaal: kleinere, snelle zeilwagens zoals de DN-klasse (oorspronkelijk afgeleid van ijszeilers) en de nieuwe vierwielige Veraert V4 deden hun intrede in de jaren 1960. Hierdoor konden ook jongere piloten en clubs met een lager budget competitief meezeilen. Later volgde de DAD, gebouwd door Georges Ameele (Middelkerke) – volledig in polyester. Door die vernieuwing (en meer onderhoudsgemak) evolueerde zeilwagenrijden van een zomersport naar een sport voor alle seizoenen. In 1975 vond in Duitsland het 1e officiële wereldkampioenschap plaats.
Enkele jaren later werd Oostduinkerke het toneel van een internationaal zeilwagenspektakel: in 1980 was onze gemeente gastheer voor het 2e WK en het 18e EK zeilwagenrijden. Honderden piloten uit Europa en daarbuiten zoefden over het strand, aangemoedigd door massa’s toeschouwers. België behaalde goud in klasse 2 dankzij Pascal Demuysere. De wereldbekende SYCOD-piloot Jan Vercammen eindigde knap 4e in klasse 3. Het SYCOD-ledenaantal explodeerde in deze periode tot meer dan 250 leden. Onze gemeente had zich definitief gevestigd als bakermat én motor van het zeilwagenrijden. Jaarlijks vindt als laatste wedstrijd van het jaar, in december, de internationale SYCOD-cup plaats: zo blijft de zeilwagenclub trouw aan zijn roots.
In de loop der jaren evolueerde het zeilwagenrijden verder. Naast de klassieke driewielers kwamen nieuwe vormen (bv. kitebuggy’s) op en in de zomermaanden schakelen veel strandzeilers over op watersporten als windsurfen, kitesurfen, wingfoilen en catamaranzeilen.
Het lokaal clubleven bleef evenwel levendig. SYCOD en andere kustclubs organiseren nog steeds regelmatig trainingen en wedstrijden tijdens het strandzeilseizoen (ca. september tot juni). Toch blijft zeilwagenrijden populair. Dat bewijzen de grote kampioenschappen die terugkeren naar onze kust. Zo vond in 2015 een Europees kampioenschap plaats op de stranden van De Panne en Koksijde. Met moderne wedstrijdzeilwagens, gebouwd uit lichte materialen, worden vandaag bij gunstige wind snelheden van tot 100 km/u gehaald.
Met dank aan Jan Leye.